Utrecht: Bikkershof

trefwoord: buurtgroen

Locatie: Bekkerstraat 26 Bezocht: 26-08-2017

Bij de ingang staat een stenen zuil met de tekst: ‘Het is zoals het is en het gaat zoals het gaat’. Het was de lijfspreuk van Peter Peels, de initiatiefnemer van deze buurttuin. Hij overleed in 2007, de zuil is een blijvende herinnering.

Wittevrouwen is een dichtbebouwde buurt in de Utrechtse wijk Noordoost. Twee autobedrijven, die gevestigd waren op een binnenterrein, verkochten in 1979 hun grond aan de gemeente. Wijkbewoners klopten bij de gemeente aan met het plan om dat terrein in te richten als een zelfbeheerde buurttuin. Daar kwam wel iets bij kijken. Bodem en grondwater waren zwaar verontreinigd. Het duurde meer dan vijf jaar voordat alle vervuiling was opgeruimd. Ook hadden bewoners en gemeente verschillende ideeën over de inrichting van het gebied. Pas na enige politieke actie – geheel in de tijdgeest van de jaren ’80 – kwam men tot overeenstemming, ook over het beheer. In 1987 vond de officiële opening plaats van de Bikkershof (http://www.bikkershof.nl/). Het is nu een van de oudste zelfbeheertuinen in Utrecht, die brede bekendheid geniet en model heeft gestaan voor vele andere buurttuinen.

Eén helft van de tuin is bestemd voor volkstuintjes, fruitbomen, plantenkas en dierenhokken. De andere helft omvat een kinderspeeltuin, een fraaie heemtuin en een vijver. Er zijn insectenhotels, bijenkasten en bankjes voor bezoekers. De omliggende woningen, die tussen het groen zichtbaar zijn, creëren een intieme, besloten omgeving. Het lijkt mij al een kunststuk om de lange, smalle tuin (ca. 130×20 meter) zo gevarieerd in te richten. Maar bijzonder is ook dat in de Bikkershof het uitgangspunt van permacultuur wordt gevolgd. Permacultuur gaat verder dan ecologisch of natuurlijk tuinieren. Het gaat over zorg voor de aarde, zorg voor de mens, eerlijk delen. In de Bikkershof betekent dat: realiseren van een gesloten, groene kringloop en van zoveel mogelijk diversiteit. Maar daarnaast, ook het instandhouden van het zelfbeheer en de verbinding tussen groen, sociaal en cultuur.

Albumfoto’s

 

 

.

Rotterdam: Dakakker

trefwoord: stadslandbouw

Locatie: Schiekade, bij Hofplein. Bezocht: 09-06 en 06-10-2017

Het is niet het fraaiste voorbeeld van wederopbouwarchitectuur. Maar schijn bedriegt. De saaie gevel van het Schieblock verbergt een hotspot van creatieve bedrijven, architecten en kunstenaars, die internationale bekendheid geniet.
Het gebouw stond vanaf 1991 leeg. Maar in 2000 sluiten twee jonge architecten, Kristian Koreman en Elma van Boxel, een antikraak huurovereenkomst met de eigenaar. Hun bureau
ZUS (https://www.zus.cc/) verwijst naar de Parijse banlieus (de ‘Zones Urbaines Sensibles’). Samen met projectbureau Codum weten Koreman en Van Boxel het pand om te toveren tot een bijenkorf vol kunstenaars en creatieve ondernemers op het gebied van stedelijke transformaties. In 2010 opent het Schieblock als ‘stadslaboratorium’.

In 2011 presenteert ZUS het idee voor een 350 meter lange loopbrug, vanaf het Centraal Station tot voorbij de Hofbogen (een bijna 2 km lang overgebleven spoorwegviaduct van de vroegere Hofpleinlijn). Het ontwerp wint in 2012 het eerste Rotterdams Stadsinitiatief en krijgt later ook de Rotterdam Architectuurprijs en de Berlijnse Urban Intervention Award. In 2015 is de officiële opening van de Luchtsingel. Het project bevat nog drie andere onderdelen: de Dakakker (2012), de Dakgaard op de Hofbogen(geopend 2018) en Park Pompenburg(2014) (https://www.luchtsingel.org/).

Dakakker werd bedacht door ZUS en gerealiseerd door Binder Groenprojecten: de eerste en tot dusver de grootste dakboerderij in Nederland, een moestuin van 1000 m² op de ‘7e verdieping’ (het dak) van het Schieblock. Er worden groenten, fruit en bloemen geteeld en bijen gehouden. En er is zelfs een leuk café. Ondanks de lage dakrand voel je je op deze hoogte op een zeer besloten plek. Bijzonder is het uitzicht naar beneden, over de rand. Een vogelperspectief! Dat zie je maar zelden in openbare tuinen. Op een van de foto’s staat links een groot gebouw waar volop kantoorruimte te huur is. Maar de man op de gevelposter heeft een wat verminkte boodschap: (M)ake it yours? (F)ake its yours? Enkele maanden later was hij verdwenen…

In zijn rapport De toekomst van de stad (2014) vraagt de Raad voor de Leefomgeving en infrastructuur zich af of groene publieke ruimten, zoals openbare stadstuinen of stadslandbouwprojecten, problemen zullen krijgen met vandalisme of nonchalante bezoekers. De Raad adviseert: ‘wel publieke tuinen, maar dan volgens de traditie van de ‘hortus conclusus’, de omsloten, vaak verborgen tuin die een respectvol gedrag afdwingt’. Het beleid van Dakakker: bezoek is toegestaan, maar binnen de regels van het dakreglement (https://dakakker.nl/). Januari 2019 publiceerden Koreman en Van Boxel hun terugblik op achttien jaar ‘stadmaken’: City of Permanent Temporality.

Albumfoto’s

 

 

.

Den Haag: Panderplein

trefwoord: stadslandbouw

Locatie: Binnendoor Bezocht: 08-11-2018

Het steegje heet Binnendoor en verbindt de Brouwersgracht met Buitenom. Eigenlijk zijn het twee straatjes die uitkomen op een binnenplein. De bewoners doopten het het Panderplein. Een verwijzing naar de Pander-meubelfabriek die hier ooit gevestigd was (https://nl.wikipedia.org/wiki/Pander).

Klaas Pander opent in 1878 in de Wagenstraat een winkel in biezen matten en andere woningstoffering. In 1887 begint zijn zoon Hendrik de Pander Meubelfabriek aan het Buitenom (toen Westsingelgracht). De fabriek krijgt al gauw grote opdrachten, zoals de inrichting van het Vredespaleis en het interieur van passagiersschepen (o.a. Johan van Oldenbarnevelt en Nieuw Amsterdam). Meubelontwerpen in de stijl van de Haagse School – een Art Déco-variant – van Henk Wouda, Paul Bromberg en Fre Semey maken Pander beroemd.

Hendriks zoon, Harmen Pander, gaat nog iets verder. Met zijn zoon Henk start hij in 1924 een fabriek voor vliegtuigonderdelen. Dat lijkt vreemd, maar in die tijd worden vliegtuigen nog grotendeels van hout gemaakt. En de Panders weten alles van houtbewerking. Helaas gaat het fout, door pech en ongelukken met hun bekendste model, de Pander S4 Postjager. In 1934 eindigt Panders vliegtuigavontuur. In WO II probeert Henk Pander een doorstart. Een zwarte bladzijde: hij is NSB-lid en bouwt zweefvliegtuigen voor de Duitsers. Na de oorlog wordt hij voor collaboratie veroordeeld. In 1955 gaat Pander op in een fusie, de Verenigde Meubileringsbedrijven. Maar in 1985 is het definitief gedaan met Pander.

De oude fabrieksgebouwen staan lange tijd leeg. De gemeente wil nieuwbouw langs de gracht en laat diverse panden slopen, o.a. het vroegere woonhuis van Multatuli (Buitenom 156). Krakers komen echter in verzet. Uiteindelijk lukt het ze om het Pandercomplex te laten verbouwen voor een woonwerkgemeenschap (http://www.panderplein.nl/ ).

De Haagse kunstenaar Annechien Meier realiseert samen met bewoners een ‘interactief volkstuinkunstproject’ op het Panderplein (2008-2010). Het project omvat een groot aantal plantvakken, waarin op duurzame wijze groenten, fruit en bloemen worden geteeld. Het is het eerste stadslandbouwproject in Den Haag. (https://stroom.typepad.com/foodprint/). Door de afgezonderde ligging oogt het plein als een mediterrane patio, beschaduwd door acacia’s. Een prachtige oase midden in het centrum van Den Haag.

Albumfoto’s

 

 

.